zaterdag 26 maart 2016

Tante Julia.


 

Gisteravond late night talkshow, een praatprogramma. Jinek. Ik val in slaap, alles dat ik zeg wordt toch niet beantwoord. Wakker wanneer Boudewijn de Groot wordt aangekondigd om de show met een liedje op te luisteren en ter promotie van de tour langs schouwburgen samen met zijn zoon. Het lied: Tante Julia. Als ik nou maar lekker verder kan slapen. Boudewijn heeft dus een Tante Julia en dat weet ik, want hij zingt de tekst:”…en haal die borsten van mijn schouder…”. Enige herkenning.
Mijn lievelingsoom, suikeroom zo je wilt Oom Bram heeft in Winschoten een chocolaterie en snoepgoedwinkel in de Torenstraat 35. Daarachter kantoor, dan het magazijn en daarna het paradijs: de fabriek. De Fabriek! De wereldvermaarde Winschoter Citroenballetjes van B.v.B. (Balletje van Berg) komen hier weg. Man, wat spannend. Een fabriek. Machines aan het werk. De balletjes rollen van de band. Ik pik er wel ’s één. Oom Bram overlijdt precies een week vóór mijn bar mitswa. Eerst mijn Vader z’’l in 1963. Bram in januari 1969…
Bram heeft een vrouw. Is getrouwd. Hij gaat veel vissen met zijn bootje op het Paterswoldse Meer. En als zij bij ons zijn in Lochem kun je hem vinden aan de wallekant van het Twente Rijnkanaal. Een rieten mand met inhoud  als kruk en met een leren bok. In de mand ook een plastic bakje met vakken maden en broodballetjes. Gefixeerd door twee dikke elastieken van de postbode. Ik heb er verstand van. Lol aan het vissen beleef ik overigens niet.
De vrouw van Bram, die tante dus, is een nicht van mijn Moeder z’’l. Zij hebben geen kinderen. En zo’n paar keer per jaar mag ik logeren. Mijn Ouders zijn met Kerst naar Knokke en ik mag naar Winschoten. Bram heeft eerst een slagerij. Het vlees is veel en lekker. Ik geloof ik eet daar wel goed. Het is winter. Het vriest dat het kraakt. Beneden winkel. Op éénhoog het woonhuis en op twee de zolder met een paar slaapkamers. Geen centrale verwarming. De ijsbloemen op de ruiten. Weet je uberhaupt wel wat een ijsbloem is? Zo koud dus. Ik praktiseer voor het eerst en voor het laatst: onderduiken. Ik duik onder het dekbed om als ’t even kan zo snel mogelijk warm te worden. Op de vloer zeil. Daar krijg je kouwe voeten van. Zó koud zijn de winters in het hoge noorden.
Jaren later trouwt zij ten tweede male nu met een lul. Een zak van een vent. Een Drent. Elk woord verder is te veel. Een Drent…zegt genoeg. Ook hij uit de tijd en weet ik hoe lang later ga ik uit beleefdheid eens langs bij tante. Inmiddels in Emmen. Of all places. Ik krijg in de keuken een boterhammetje en zij stelt de vraag: “Jij mag de Drent niet zo, he?”. Nu, ik kan niet jokken, diplomatiek ben ik ook niet dus mijn antwoord luidt: “Nee!”. Vanaf dat moment kan ik het vergeten. Tante overlijdt en iedereen wordt genoemd in het testament. Ik ook. “Bert krijgt niets”.
Terug naar de logeerpartijen. Er wordt goed voor me gezorgd. Heerlijk eten. Snoep in overvloed. Zelfs zo dat ik af en toe wat pik in het magazijn. Een chocoladeflik met die witte korreltjes is favoriet. Bram weet en ziet alles. Bram speelt kaartspellen met me en in een kastje ingebouwd in de radiator liggen dozen met gezelschapsspellen. Ik meen we spelen Mens erger je  niet. Ik ben nog maar een klein kereltje. Tante is behulpzaam bij het afdrogen ná het bad. Zij schenkt extra veel aandacht aan mijn piemeltje. Tja, die is nu wel droog. Als zij in bed ligt ’s morgens vroeg, Bram is al vissen en ik word wakker zegt zij: “Kom maar even bij mij…”. Zij vindt het fijner dan ik. Zij draagt een satijnen pyjama. Zo’n jasje met knopen. O, wis en waarachtig open. En zij drukt mij tegen zich aan. Ademnood. Wat een flauwekul. Dat doet mijn lieve Moeder toch ook niet….
Thuis durf ik die voorvallen niet te melden. Ik wil niemand verlinken. Maat dat het niet hoort snap ik. Ik heb ernstige twijfel bij tante. De afkeer wordt groter en groter. Almaar meer.
Telkens als Boudewijn de Groot dat lied op de radio zingt, heb ik een deja vu. Potverdomme. '…en haal die borsten van mijn schouder…'.  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten